| De (zinnelijke) ziel opvoedend |
| en eenheid omhelzend, |
| kun je ondeelbaar zijn. |
| ... |
| De levenskracht intrekkend |
| tot ze gedwee is, |
| wordt je als een pasgeborene. |
| ... |
| De donkere spiegel veredelend en reinigend, |
| kun je zonder blaam zijn. |
| ... |
| Het volk liefhebbend en het rijk recreërend, |
| wordt je zonder opzettelijkheid. |
| ... |
| Terwijl de poorten des hemels zich openen en sluiten, |
| wordt je als de broedende hen. |
| ... |
| Terwijl je licht de vier richtingen penetreert, |
| kun je als onwetende zijn. |
| ... |
| Het baart leven en onderhoudt, |
| het brengt voort en rekent niet als eigen. |
| Het kweekt op en is niet als meester, |
| het heet Mysterieuze Deugd. |
| ... |
| |
|