| Horen hoog ontwikkelden van
Tau, |
| zo kunnen zij zich met ijver inzetten. |
| Horen middelmatig ontwikkelden van
Tau, |
| zo houden zij nu en verliezen dan weer. |
| Horen laag ontwikkelden van
Tau, |
| zo lachen zij er luid om. |
| Lachten zij er niet om, het zou Tau niet zijn. |
| ... |
| Daarom is welgegrond het gezegde: |
| ... |
| ..........Tau-licht lijkt duister. |
| ..........Tau-voortgang lijkt teruggang. |
| ..........Tau-effenheid lijkt ongelijk. |
| ... |
| Hoge deugd lijkt overvloeibaar. |
| Grote reinheid lijkt vuil. |
| Ruime deugd lijkt ontoereikend. |
| Welgegronde deugd lijkt onverschillig. |
| Blote zuiverheid lijkt verdorven. |
| ... |
| Als een groot vierkant zonder hoeken, |
| een groot vat in aanleg, |
| een groot geluid zonder klank. |
| ... |
| Een hemels beeld zonder vorm, het grote Tau heeft geen naam. |
| Waarlijk Tau bevestigt goed in beginnen en goed in volbrengen. |
| |
| ... |
| |